Mar 02, 2021

Goed voorbeeld

overweging op zondag 28 februari 2021          PG De Open Hof ~Oud-Beijerland

 

2e zondag in de Veertigdagentijd

 

 

uit de Bijbel: Johannes 13: 1-5 en 12-17

(afbeelding: Sieger Koder)

 

Tienertalk

 

Ik weet niet hoe het met jou zit, maar over het algemeen vinden we het heel belangrijk wat andere mensen van ons vinden.

Het is fijn als mensen je complimenten geven -dat kan morgen, op complimentendag-Het is fijn om gezien en gewaardeerd te worden.

Het kan ook blokkeren.

Als we steeds harder ons best gaan doen om de waardering van anderen te krijgen.

Als we ervan uitgaan dat het toch nooit goed genoeg zal zijn wat we doen.

Of als dat stemmetje in ons achterhoofd ons blijft vertellen

dat ‘men’ het vast raar vindt wat je doet.

En dan doe je het maar niet.

Dan houd je je op de achtergrond.

 

Het bijzondere van Jezus is dat het hem niets kan schelen wat anderen over hem denken. Het moet raar zijn geweest. Dat moment dat hij opstaat  van de tafel en een rondje maakt om zijn twaalf vrienden de voeten te wassen. Daar hebben die twaalf vast iets van gevonden. Misschien achter hun hand iets tegen elkaar gefluisterd. Petrus moet er sowieso niets van hebben. Die trekt zijn voeten terug.

Maar Jezus gaat zijn gang. Wat hij moet doen, wat hij gelooft op dat moment, is niet afhankelijk van de mening van anderen. Wie hij ís, is niet afhankelijk van de waardering van zijn vrienden; maar ook niet van hun negativiteit.

Het maakt hem niet uit wat ze denken.

 

Wat ik vandaag van Jezus leer is dat het vooral belangrijk is hoe ik over mijzelf denk. Want het zijn niet de maatstaven van anderen die ertoe doen. Het gaat om mijn eigen maatstaven. Wie wil ík zijn? Hoe wil ík in het leven staan? Hoe kan ík God dienen?

 

 

-- 


voeten

Het is nog maar kort geleden dat Maria de voeten van Jezus zalfde met kostbare olie en ze afdroogde met haar haar. (Joh 12) Een groots gebaar, al moest Maria zich er heel klein voor maken. Zij liet zien dat ze wíst waar Jezus’ weg op zou uitlopen, en dat hij een gezalfde van God was, en steeg daarmee boven al die mannen uit die Jezus zagen als  concurrent en hem uit de weg wilden hebben; zelfs de twaalf leerlingen van Jezus was zij met deze geloofskennis de baas. Die hadden nog zoveel vragen en begrepen zoveel niet. (lees bijv. Joh 12: 16, 13:36, 14: 5) . Een van hen zou hem zelfs verraden, en Petrus zou hem verloochenen. Jezus maakt eenzelfde gebaar als hij neerknielt om de voeten van zijn leerlingen te wassen.

 

Die voeten roepen herinneringen op aan het moment dat de Israëlieten na veertig jaar in de woestijn op de grens van het beloofde land staan. Die grens, dat is de Jordaan. En daar moeten ze doorheen. Maar ze hoeven niet bang te zijn. Zodra de voeten van de priesters omspoeld worden door het water, laat God het water wijken. Het volk kan veilig naar de overkant en is weer een stap dichter bij het land dat God heeft beloofd. (lees Jozua 3: 14v)

De voeten vertellen dat Israël niet vergeefs op God heeft vertrouwd. Na de bevrijding uit Egypte heeft hij voor hen gezorgd in de woestijn. Veertig jaar lang gaf Hij hen brood uit de hemel; hun kleren raakten niet versleten en hun voeten zwollen niet op. (Deut 8: 4) Deze God van bevrijding heeft hen dóór de Jordaan geleid om het beloofde land binnen te gaan. Het land waarvan God zei: waar je je voet ook maar zet, ik geef het aan jou. (Joz 1:3)

Het is kort voor Pesach, het bevrijdingsfeest waarop dit verhaal van uittocht, doortocht en intocht wordt vertelt, als Jezus opstaat van tafel om zijn leerlingen de voeten te wassen. Het een moet wel met het ander te maken hebben. Zo wil Johannes het hebben over de naderende dood van Jezus. Het zal een uittocht zijn uit deze wereld en dóór de dood heen zal hij ingaan tot nieuw leven bij de Vader. Dat nieuwe leven, daar kunnen zijn leerlingen hem in volgen. Als zij zich houden aan de geboden, de weg van de liefde en de dienstbaarheid gaan. (Dat lezen we later, in Johannes 14 en 15)

 

Pesach

Het is kort voor Pesach. Op dat feest wordt ongedesemd brood gegeten. Er mag in het hele huis geen kruimel zuurdesem meer te vinden zijn. (Ex 12: 14) Het gaat zelfs zo ver dat wie zich daaraan niet houdt, uit de gemeenschap gestoten zal worden. Waarom zo hard gesproken?

Wie brood wil bakken, gebruikt een stukje van het oude gezuurde deeg. Dan zal het nieuwe deeg ook rijzen. Er gaat in het nieuwe brood dus steeds iets van het oude mee. Maar Pesach was voor Israël een radicaal nieuw begin.

Hun nieuwe leven zou geen schijn van kans hebben als zij de angst, het onrecht en de onvrijheid uit Egypte zouden meenemen. Dat zou het beloofde land doorzuren, zoals gist brood. Maar het werd anders!

In Jezus wordt het anders, getuigt Johannes. Hij is het licht dat de duisternis verlicht; hij is de goedheid en oprechtheid van God de Vader te midden van kwaadwilligheid. Hij is het nieuwe brood, het brood van God dat uit de hemel komt en de mensen leven geeft. (Joh 6: 35) Het brood dat wij breken en delen om te gedenken hoe hij deelde en gebroken werd.  

Bij de Pesachmaaltijd wordt ook lam gegeten, een herinnering aan de dood die de eerstgeborenen van Egypte trof maar de Israëlieten spaarde, omdat zij het bloed van het lam aan de deurpost hadden gesmeerd. 

Johannes schrijft over Jezus als het paaslam. ‘Kijk, daar is het lam van God, dat de zonde van de wereld wegneemt’. (Joh 1: 29) Jezus, de rechtvaardige van God, is zo solidair met de wereld dat hij ten onder gaat aan alle kwaad. Geslachtofferd wordt hij op het altaar van degenen die zich aangetast voelden in hun macht. Omdat zijn liefde voor de mensen die op hem vertrouwen tot het uiterste gaat. Toch is Jezus als dat paaslam: teken van bevrijding die komen gaat. Wij drinken wijn, rood als bloed, om dat te gedenken en te vieren. Johannes vertelt ons niet op deze manier over de laatste maaltijd van Jezus met zijn leerlingen. Jezus’ liefde spreekt bij hem niet uit brood en wijn maar uit water.

 

Jezus staat op

Tijdens de maaltijd staat Jezus op van de tafel en hij legt zijn bovenkleed af. Hij weet dat zijn tijd is gekomen. Nog maar even dan zal hem dat worden afgenomen en soldaten zullen er om dobbelen. Nog maar even, dan zal hij zijn leven afleggen én opstaan.

Dat is in de eerste plaats wat Jezus met deze handeling wil vertellen; omdat hij de mensen die hem toebehoren tot het uiterste liefheeft zal hij sterven én opstaan. De weg die hij gaat is de weg van de vernedering. Het is een afgang om zo te sterven. Maar, dat klinkt door heel het Johannesevangelie: die afgang is tegelijkertijd een opgang. Alleen zo kan Jezus trouw blijven aan zijn roeping als Zoon van de Vader. Het is als een graankorrel die wel sterven moet in de aarde om ooit vrucht te kunnen dragen. (Joh 12: 24) Je moet jezelf durven verliezen om iets terug te krijgen; je moet durven sterven voor je vrienden om te kunnen leven. Dat is wie Jezus is; hoe hij de gezalfde van God is. Maria had dat begrepen.

 

In de tweede plaats geeft Jezus een voorbeeld om na te volgen. Hij zal tijdens deze maaltijd een lange toespraak houden. In het evangelie van Johannes neemt die de hoofdstukken 14 tot en met 17 in beslag. Kernwoord van die toespraak is liefde. Maar daden spreken zoveel luider dan woorden. Als Jezus neerknielt kunnen zijn leerlingen aan hem aflezen dat het de bedoeling is dat ook zij van elkaar gediend zijn. Van teen tot top. Van de viezigheid van de voeten tot aan de kruin.  

Jezus doet hen geen heilige handeling voor. Geen sacrament zoals het delen van brood en wijn dat wel geworden zijn. Het blijft in de huiselijke sfeer. Het is maar gewoon water, in een gewone waskom. Want elkaar dienen, de minste durven zijn, dat is iets voor alledag.

In de gewone dingen zit een verwijzing naar het leven van Jezus. De zorgvuldigheid en liefde die wij naar elkaar betrachten in het gewone kan maar zo raken aan het geheiligde.

 

Het zijn de dingen die je doet,

de dingen die je doet die niemand ziet

die zeggen wie je bent

 

De priester die week in week uit

weer opstaat en de klokken luidt

in een kapotgeschoten kerk met lege banken

 

De moeder die de nacht door zingt

tot er wat rust vloeit in haar zieke kind.

En als het licht wordt staat de wereld weer te wachten.

 

De vrouw die nog steeds zorgt voor hem

terwijl ze weet, hij weet niet wie ik ben.

Ze blijft hem wassen, terwijl hij haar blijft vergeten

 

De vader die zijn zoon omhelst

Al wordt ’ie keer op keer teleurgesteld,

nooit eens: het spijt me,

maar toch fluistert hij: vergeven.

 

Het zijn de dingen die je doet,

de dingen die je doet die niemand ziet

die zeggen wie je bent.

(tekst: Matthijn Buwalda)

 

voeten

Nog even over die voeten..

Maria zal de eerste zijn die de Opgestane Heer ziet. Zij zal de eerste boodschapper met een vreugdevol bericht zijn. Hoe liefelijk zijn háár voeten (Jes 52:7 en Rom 10:15) die haar als een apostel dragen om de boodschap van vrede en goed nieuws te verspreiden. Gezegend de voeten die getuigen van Jezus; gezegend de voeten die ons brengen bij wie ons nodig heeft.  (luister naar: How beautyful are the feet, Messiah)

This entry was posted in Preken
Apr 09, 2020

Witte Donderdag

Witte Donderdag 2020                PG De Open Hof ~ Oud-Beijerland

viering in corona-tijd; zonder Heilig Avondmaal

 

inleidend woord

 

Vanavond gaat het over onvoorwaardelijke liefde.

Liefde die geen vragen stelt;

liefde die geen bezwaren kent

en niet omkijkt naar wat een ander ervan vindt.

 

Onvoorwaardelijke liefde durft zichzelf te geven

is breekbaar als brood.

 

Vanavond gedenken wij Jezus’ dienstbaarheid

en zijn bereidheid zichzelf te geven.

Wij gedenken hem

in het vertrouwen dat Gods licht nooit zal doven.

 

Goede God,

juist in deze avond

nu wij gedenken hoe uw Zoon het brood brak

en deelde

en zei: dit is mijn lichaam

doe dit om mij te gedenken

juist nu missen wij de gemeenschap

met elkaar.

Daarom bidden wij om uw Geest

die ons samenbindt

tot één lichaam,

uw gemeente.

Daarom bidden wij om de moed

het uit te houden

zonder elkaar te kunnen zien

zonder elkaar te kunnen vasthouden.

Houdt U ons vast.

Bewaar ons bij elkaar.

Deze avond en in de tijd die komt. Amen.

 

uit de Bijbel: Johannes 13: 1-15; Matteus 26: 26-29

 

woord van overweging

 

Wat ben ik in deze dagen blij met alle social media, met onze digitale middelen. Ze vormen een venster naar buiten. Opa’s en oma’s krijgen foto’s via de app en iemand vertelde dat zij de kleinkinderen voorlas via Facetime. We merken dat de groep op Facebook groeit en dat zelfs mensen die sceptisch waren op deze manier verbinding zoeken.

En ook op niet digitale manieren zoeken we manieren om ons met anderen te verbinden: een boodschap met stoepkrijt voor de deur, hand tegen hand met het raam er tussen. De virtuele werkelijkheid is onze werkelijkheid geworden. We connecten op allerlei manieren, maar niet fysiek.

 

Natuurlijk, het weegt niet op tegen een echte kus, een echte knuffel. En het liefst zouden we iemand willen vastpakken om te troosten of getroost te worden. Maar stel je voor dat we al deze middelen niet hadden. Die virtuele verbondenheid vult een leemte in ons; het geeft ons vreugde, troost ons, verbindt ons.

 

De kerk is dicht. De gemeente is onzichtbaar voor elkaar. Dat doet pijn. We missen elkaar meer dan we kunnen zeggen. De schaal op de tafel is leeg. Er is geen brood, om aan elkaar door te geven De kring door de kerk heen, een moment waar velen naar uitkijken omdat ze juist dán de verbondenheid met voelen, is er niet. Maar het is niet zo dat dan ook de verbondenheid met Christus er dan niet is. Want alles wat er mee komt in het vieren van het avondmaal, verzoening, vergeving, Gods onmetelijke goedheid, dat is er altijd. Dit is altijd voor het grijpen. Ook als wij niet fysiek brood en wijn delen, dan mogen wij onze handen nog openen om te ontvangen.

 

Paulus zegt tegen zijn gemeente: júllie zijn het lichaam van Christus. Goed beschouwd een virtueel lichaam. Een lichaam dat tot leven komt en zichtbaar wordt waar mensen verbonden zijn. En we leren van deze tijd dat die verbinding niet altijd écht hoeft te zijn; niet lichamelijk. Ook virtueel voelen we ons dichtbij elkaar.

Wíj zijn het lichaam van Christus. Een lichaam dat nu gebrokenheid ervaart; in het alleen-zijn, in alles wat níet kan en mag, in de stress, in het verdriet om het gescheiden zijn, in ziekte en zelfs dood.

Ga zorgvuldig om met dat lichaam, zegt Paulus. Want alle lichaamsdelen zijn van elkaar afhankelijk; we hebben elkaar nodig. Ga respectvol om met die lichaamsdelen die het zwakst zijn; en voel de pijn mee, want één lid lijdt, lijden alle anderen mee. En wanneer één lichaamsdeel met respect behandeld wordt, delen alle anderen in de vreugde. Dat virtuele lichaam van Christus, dat lijdt en meelijdt, dat vreugde deelt en vragen, dat zijn wij.

 

De schaal is leeg. We drinken niet uit de beker. Toch weten we Christus dichtbij.

Hij is aanwezig in alle vriendelijkheid en dienstbaarheid; hij is in de opofferingsgezindheid van hen die zorgen en hulpverlenen; hij is in de lijdende naaste. Hij is erbij. En we gedenken hem in het vertrouwen dat het goed komt. Want het licht van Pasen gaat ook op over deze tijd.

 

gedicht Jaap Zijlstra

 

U hebt uw handen vuil gemaakt

aan onze voeten,

wij overwegen nog

of wij wel samen aan één tafel zullen gaan.

 

Breng ons te binnen

het gebroken brood,

het geheim van het graan,

het geeft zich aan de aarde,

sterft,

breekt uit in leven.

 

En laat ons niet ontgaan

de klare wijn

van uw woorden,

maak ons tot ranken

aan U, wijnstok van liefde.

 

Wij zijn maar vluchtige mensen,

laat ons weer wonen

onder één dak,

breng ons weer thuis bij U aan tafel.

 

voorbeden

 

God

wij bidden U

dat in alle onrust en onzekerheid van deze tijd

mensen houvast mogen vinden

bij elkaar

bij U.

Zegen die mensen

die voor ons zijn als Jezus

omdat zij klaar staan voor anderen,

omdat liefde hun weg is.

 

Wij bidden U

dat in alle gebrokenheid van deze wereld

wij als kerken

één mogen zijn in onze boodschap van hoop.

Zegen de mensen die op zoek gaan

naar hun bron van hoop en troost.

 

Wij bidden U

om moed en kracht

voor al uw mensen

voor gezinnen

voor jonge en oude mensen’

voor mensen thuis en op de werkvloer

om het vol te houden

met wat er op ons afkomt.

 

Wij bidden U

dat wij deze tijd gebruiken

om in onszelf te ontdekken

wat voor soort mensen wij willen zijn.

Roep ons op om te blijven doen

wat uw Zoon ons heeft voorgedaan

en zegen wat in ons groeit aan saamhorigheid en zachtheid.

 

God,

wij bidden U

dat wij elkaar snel in uw huis mogen weerzien

en dat wij de vreugde mogen proeven

van brood en wijn.

Wil ons tot die tijd bewaren in uw hand. In Jezus’ naam. Amen.

This entry was posted in Preken