Blog

Vrouwen met invloed: Jael

overweging op zondag 21 augustus 2022            PG De Open Hof ~ Oud-Beijerland

zomerserie: Vrouwen met invloed: Jael

 

We lezen vandaag uit Rechters. Dat gaat over de tijd dat Israël woont in het beloofde land, Kanaän. Zij moeten daar samenleven met de oorspronkelijke bewoners, de Kanaänieten. Soms gaat dat goed. En soms niet. Het gaat goed als Israël zich houdt aan de geboden die God heeft gegeven via Mozes. Het gaat fout als de mensen doen wat slecht is in de ogen van de Heer. En dat is: meegaan in de vaart der volken, net als zij afgoden aanbidden, in plaats van op de Eeuwige te vertrouwen.

 

Op dit schilderij van Salomon de Bray zien we de hoofdrolspelers van vandaag. Achteraan zien we Barak. Aanvoerder van Israël. Zijn naam betekent bliksemschicht maar veel pit en initiatief zit er niet in hem. Hij verdwijnt dan ook half in de schaduw.

Met gevouwen handen in het midden zien we de profeet Debora. Terwijl het volk deed wat kwaad was in de ogen van de Heer zat zij als onder haar palm. Beeld voor de rechtvaardige, de mens die fier overeind blijft als een boom terwijl om haar heen de wereld woedt. Haar naam betekent honingbij maar Debora klinkt ook als ‘dabar’, woord dat ook daad betekent. Van haar hebben we dus meer te verwachten.

Wie niet op dit schilderij staat, maar wél meedoet, is veldheer Sisera. Hij is de aanvoerder van het leger van de Kanaänieten. Zij onderdrukken de Israëlieten al 20 jaar met harde hand. Daar heeft God voor gezorgd. Je zou kunnen zeggen dat boontje om zijn loontje komt. Wie leeft voor zichzelf, wie onrecht pleegt, komt zichzelf een keer tegen.

Het geweld in het Oude Testament heeft vaak daar mee te maken; mensen leven van kwaad tot erger en God wil hen daar uit bevrijden. Dat lezen we ook vandaag. Het leger van Sisera wordt tot de laatste man verslagen. Door toedoen van God. Sisera ontsnapt. Hij zoekt zijn toevlucht bij Jael. Haar zien we op de voorgrond.. Zij behoort tot de Kenieten. Een volk dat Israël goedgezind is. Sisera ziet alleen haar borsten waar hij zich tussen wil vlijen. Wij zien ook de vastberaden blik in haar ogen. En de hamer en tentpin in haar handen. 

 

uit de Bijbel: Rechters 4

 

tegenover

Ik heb dit verhaal vooral gelezen vanuit de tegenstellingen. Of eigenlijk vanuit de vraag: wat staat er tegenover? We zijn in Kanaän. Beloofd land. Maar beloofd land gaat altijd hand in hand met Tora. Dan heeft een samenleving toekomst. Het wordt veelbelovend als God in beeld is als de bevrijder van Israël, en de medemens. Dat is nu niet het geval. Israël doet wat slecht is in de ogen van de Heer. De consequentie daarvan is dat zij nu al twintig jaar worden onderdrukt, bedreigd door 900 ijzeren strijdwagens. Wát kan Israël daar tegenover zetten?

Tegenover de krachtpatserij van koning Jabin staat de profetie. De kritische reflectie op wat er anders moet en de droom dat het ook anders kán. Profeten zullen het altijd hebben over recht en gerechtigheid, over omkeer en vernieuwing, over hoop. In welke kwalijke situatie of crisis je ook terecht gekomen bent, er komt een moment dat je jezelf de vraag wel móet stellen: wat doe ik verkeerd? Wat kan er anders? En die vragen stel je je vanuit het perspectief van de hoop. Vanuit het geloof dat het ook anders kán. We zullen zien wie er aan het langste eind trekt: het onrecht en geweld of de gerechtigheid. Als toonbeeld van de profetische gerechtigheid zit daar Debora onder haar palmboom. In haar naam zit Gods woord verborgen. Het tegengeluid.

 

hokjes

Tegenover Debora staat Barak. Een man tegenover een vrouw. Een potentiële held die ten strijde kan trekken en verandering teweeg kan brengen, tegenover de vrouw die thuisblijft en wacht tot de mannen terugkeren. Hokjes die toen normaal waren. Stereotypen die de wereld overzichtelijk maakten. Hokjes die ook voor ons lange tijd normaal gevonden werden. Vandaag niet meer. Al blijft dat een voortdurend bewustwordingsproces. En lopen we keer op keer tegen onze vooroordelen, over wat nu mannelijk is of vrouwelijk, aan.

Maar dit verhaal speelt ermee. Het drijft de spot met wat je van mannen zou kunnen verwachten en van vrouwen. Het is een vet aangezet verhaal. Barak, de bliksemschicht, is niet zo’n flitsende figuur als je zou denken. Als hij van God zelf de opdracht krijgt om een leger te vormen krijgt hij het meteen benauwd. Terwijl hij de overwinning bij voorbaat in de schoot geworpen krijgt: Sisera zal met soldaten en strijdwagens naar hem toe komen. Hij hoeft ze alleen maar op te wachten. En Barak zal ze verslaan. Man man, wat een held op sokken. Hij durft alleen als Debora meegaat om zijn hand vast te houden. Met deze overwinning zal hij niet beroemd gaan worden.

 

kom op!

Tegenover de bangigheid van Barak staat het vertrouwen van Debora. Waar hij zou willen blijven zitten waar hij zit staat zij op en roept: Kom op! Vandaag zal de Heer ervoor zorgen dat je Sisera verslaat. De Heer zal je helpen. Inderdaad, de daad bij het woord gevoegd.

Over hoe het gevecht verloopt horen we weinig. Er is er maar Éen actief. En dat is God. Hij zaait paniek onder de soldaten zodat er verwarring ontstaat. Het doet me denken aan een ander verhaal waar God strijdt voor zijn volk. Als Israël is weggetrokken uit Egypte worden zij achtervolgd door de ruiters en strijdwagens van de farao. Als ze bij de zee aankomen zitten ze als ratten in de val. Mozes stelt het doodsbange volk gerust: Wees niet bang. De Heer zal voor u strijden. (Ex 14: 11-14) Dat doet Hij ook, door voor verwarring te zorgen. De Eeuwige is de held van het verhaal. (Ex 15:3)

Ook in de Psalmen komt dit thema terug; het is God die de vijand verslaat, die zijn volk redt van kwaad. Het is vaak hoe mensen tegen winnen aankijken. Ze schrijven het toe aan God. God heeft mij geholpen, zeggen ze. Alleen met God kon ik dit gevecht winnen, deze moeilijkheid overwinnen. En elke zondag weer belijden wij dat we het zonder hem niet kunnen, dat we zijn hulp nodig hebben. Voor we een dienst kunnen beginnen rollen we de bodem onder ons vieren uit. Onze hulp is de Naam van de Heer die hemel en aarde gemaakt heeft…. dat is het laatste vers van Psalm 124 en het is de conclusie die getrokken wordt uit wat daar vóór staat. Als de Heer niet vóór ons was geweest, toen de mensen zich tégen ons keerden, dan waren we verslonden door hun woede; erdoor overspoeld en omgekomen. Maar gelukkig konden we uit hun netten ontsnappen. Want onze hulp…   en met hulp van de hemel zijn we tot grote daden in staat. Gelukkig had Debora dit vertrouwen hoog gehouden. En wist zij niet alleen Barak maar ook haar volk daarin mee te nemen. Waar de stammen ieder voor zich leefden, weet zij ze voor een deel weer aan een te smeden in een gezamenlijke strijd, in een gezamenlijk vertrouwen. Én in een gezamenlijke verantwoordelijkheid. Want God helpt wie zichzelf helpt.  

(lees Re 5, het lied van Barak en Debora, over de stammen die wilden meedoen en de stammen die het lieten afweten)

 

een sterke vrouw

Alle soldaten van Sisera worden gedood. Nu is het man tegen man. Barak tegenover Sisera. Of nee, Barak is nog in geen velden of wegen te bekennen. Het is nu Sisera tegenover Jael, de vrouw van Cheber. Bij de vrouw van die ‘gabber’ denkt Sisera veilig te zijn. Jael komt hem al tegemoet: Kom binnen, heer, kom binnen. Wees niet bang. Alsof ze hem lokken wil. Verleidelijk als een minnares, zorgzaam als een moeder. Kom maar… ze dekt hem toe als een kind en geeft hem melk te drinken totdat hij in slaap valt. Heel stoer en mannelijk ziet het er niet meer uit. En ook in de vrouwelijkheid van Jael moeten we ons niet vergissen. Met een tentpin en een hamer maakt ze dat Sisera nooit meer wakker wordt. De schande, vermoord te worden door een vrouw. Wat een vernedering voor Sisera. En wat een geweldige manier om de spot te drijven met dat waar hij voor staat. Het geweld, het machtsvertoon. [ lees ook Re 9:52-53 waar een vrouw met een maalsteen het hoofd van de vijandige koning Abimelech verbrijzelt. Hij smeekt zijn wapenknecht om hem te doden zodat hij niet de geschiedenis in zal gaan als de koning die door een vrouw werd gedood ? ]

Waarom vermoordt Jael Sisera? Het is toch niet háár strijd? De Bijbel zwijgt er verder over. Maar er wordt wel een klein plaatsje ingeruimd voor een niet-Israëlitische in dit verhaal. Een heldin van buiten. Ongedacht en onvermoed speelt zij een rol in de geschiedenis van God en Israël. Door haar blijft de geschiedenis stromen; er is weer uitzicht op de toekomst. Naast Jael kunnen we ook Rachab noemen. Die de verspieders verborg in haar huis in Jericho en hen hielp ontsnappen. Of Ruth, de Moabitische, die een van de voormoeders zal zijn van Jezus. Wie zegt dat God alleen díe mensen gebruikt voor zijn toekomst die in hem geloven? Wie zegt dat zijn geest niet ook daar waait waar zijn naam niet wordt genoemd of gekend. Hij was in ieder geval werkzaam in deze sterke vrouwen. Jael was een partner in Gods plan.

 

mensen gevraagd

Dit verhaal zet alles op zijn kop. Mannen vallen tegen en vrouwen worden helden. Machtsvertoon valt om en het recht krijgt zijn beloop. Precies zoals God ons onze toekomst voorspiegelt, de wereld andersom. Het is wat Jezus rond preekte, het koninkrijk waar de eersten de laatsten zullen zijn is dichtbij. Zijn moeder, Maria, wist dat al toen ze haar loflied zong: Alle machthebbers stoot Hij van hun tronen, arme en kleine mensen maakt Hij groot. Maar toch…. God kan wel een beetje hulp gebruiken. Dat Hij ónze hulp is, betekent niet dat Hij wat krom is recht zal maken. Hij zal het kwaad dat mensen over zichzelf hebben afgeroepen niet zomaar wegnemen. Daar heeft Hij ons bij nodig. Ons vertrouwen om op te staan en de strijd aan te binden met wat er niet klopt in onze wereld. Mannen gevraagd, vrouwen gevraagd. Nee, mensen!

 

Mensen gevraagd…

https://www.youtube.com/watch?v=htJxPaRUW7Q

Er worden mensen gevraagd om vrede te leren,

waar geweld door de eeuwen heen model heeft gestaan.

Mensen gevraagd die de wegen markeren

Waarop alles wat leven heeft verder kan gaan.

Mensen gevraagd om de noodklok te luiden

En om tegen de waanzin de straat op te gaan.

Mensen gevraagd om de tekens de duiden

Die alleen nog moedwillig zijn mis te verstaan.

Mensen gevraagd om hun nek uit te steken

Voor een andere tijd en een nieuwe moraal.

Mensen om ijzer met handen te breken

Ook al lijkt het ondoenlijk en paradoxaal.

Mensen gevraagd om hun stem te verheffen,

Verontrust door een wapen dat niemand ontziet.

Mensen die helder de waarheid beseffen

Dat wie mikt op een ander zichzelf ook beschiet.

Mensen gevraagd die in naam van de vrede

Voor behoud van de aarde en al wat daar leeft,

Wapens het liefst tot een ploeg willen smeden

Voor de oogst die aan allen weer overvloed geeft.

 

Mensen gevraagd, er worden mensen gevraagd

Mensen temidden van mensen gevraagd

Mensen gevraagd!

(tekst: Coen Poort)