overweging op Hemelvaartsdag 2021    PG De Open Hof ~ Oud-Beijerland

 

uit de Bijbel: Lucas 24: 50-53 en Efeziers 4: 7-13 7

 

grote vreugde

‘Afscheid nemen bestaat niet’ zong Marco Borsato. ‘Afscheid nemen bestaat niet. Ik ga wel weg maar verlaat je niet. Lief, je moet me geloven, al doet het pijn. Ik wil dat je me los laat en dat je morgen weer verder gaat. Maar als je eenzaam of bang bent

zal ik er zijn.’  https://www.youtube.com/watch?v=Suv6-FkQK00

 

Hoe kun je nu blij zijn als er iemand voorgoed afscheid van je neemt. Dat trof mij in het stukje Lucas. Als Jezus is opgenomen in de hemel, gaan zijn vrienden met grote vreugde terug naar Jeruzalem. Ze zijn niet in de war of verdrietig. We horen niet dat ze onzeker zijn, nu ze achterblijven als leerlingen zonder leraar, schapen zonder herder. Nee, er is grote vreugde.

Het doet denken aan het kerstverhaal, als de engel tegen de herders zegt: wees niet bang. Ik kom goed nieuws brengen dat het hele volk met grote vreugde zal vervullen. (Lucas 2:11) Die grote vreugde is de geboorte van een kind en ín dat kind is God bij de mensen gekomen. ‘God redt’ is zijn naam. En ‘Immanuel, God is erbij’. Als de herders dat kind hebben gevonden, gelóven ze dat ook. En ze gaan terug terwijl ze God loven om alles wat ze gezien en gehoord hadden. Ze hebben God gezien zoals Hij bij de mensen wil zijn. En ze hebben geloofd dat Gods vrede was begonnen. Lucas breit de cirkel mooi rond als hij vertelt dat ook Jezus’ leerlingen terugkeren en God loven. Ook zij hebben met eigen ogen gezien en geloofd dat in Jezus iets van God en zijn nieuwe wereld zichtbaar is geworden. Eigenlijk moeten we ons er vandaag niet over verwonderen dat Jezus naar de hemel is gegaan. We moeten ons er blijvend over verwonderen dat Hij naar beneden is afgedaald. Dat in Jezus God bij de mensen heeft willen wonen en dat in hem Gods liefde tastbaar dichtbij was.

Nu Jezus’ leerlingen alleen achterblijven weten ze dat die belofte nog steeds geldt. God zal bij hen zijn. Ze zullen voor altijd gezegend zijn met zijn nabijheid. Vandaar die grote vreugde.

 

en nu

Maar hoe nu verder?

In het fragment uit The Passion zien we de mensen zoekend omhoog kijken. En in het tweede verhaal dat Lucas  vertelt over Jezus’ hemelvaart in Handelingen 1 staat ook dat de leerlingen omhoog staan te kijken. Of daar soms wat te zien valt. En of een mens daar soms iets te zoeken heeft. Ze worden er door twee engelen op aangesproken: Galileeërs, wat staan jullie naar de hemel te kijken? Daar vandaan moeten jullie het niet hebben. De Bijbel is er van den beginne duidelijk over: de hemel is van God. Daar heeft een mens niets te zoeken. De aarde is voor de mensen. Om er iets leefbaars van te maken. Nergens anders dan hier beneden zijn mensen geroepen om de grote vreugde die de herders heeft getroffen, en de grote vreugde van de leerlingen, stem te geven. En handen en voeten. Dat ook.

 

de voeten van Jezus

We kijken naar een afbeelding van Jezus’ hemelvaart. Jezus is al bijna uit beeld verdwenen. Omhoog kijken heeft straks geen zin meer. Er valt niets meer te zien.

Het enige dat we nog zien zijn zijn voeten. En zijn voetafdruk. Wat hij achterlaat. Zijn erfenis. Zijn opdracht. Een voetspoor om in verder te gaan.

Op de Olijfberg in Jeruzalem is een plek waar hij te zien is, die voetafdruk. Pelgrims bezoeken die plek en branden er een kaars of zeggen een gebed. Als het goed is blijft het daar niet bij en trekken mensen ook hun conclusies. Hemelvaart bindt ons aan de aarde, hoe paradoxaal dat dus ook klinkt. Vandaag vieren we dat de gemeente van Christus haar eerste stappen zette op de weg van de zelfstandigheid en volwassenheid.

Op het moment dat Jezus omhoog wordt geheven naar de Vader worden de leerlingen gezonden om op weg te gaan, vanuit zijn kracht en Geest, maar met hun eigen talenten en vindingrijkheid. En dat geldt evengoed voor ons.

 

genade

Jullie hebben genade ontvangen naar de maat van Christus, schrijft Paulus. Genade betekent niet alleen dat wij bij God in de gunst staan maar ook dat Hij ons heeft aangenomen, in dienst heeft genomen. Een ieder van ons zoals dat bij ons past. Ieder heeft zijn eigen kwaliteit gekregen, zijn eigen genadegave. Om samen één geheel te vormen. En dat ene geheel is de gemeente, het lichaam van Christus. Nu Hij in de hemel is, is zijn gemeente zijn representant. Waar eerst Gods liefde werd afgelezen aan hem, wordt dat nu afgelezen aan zijn gemeente. Die genade vertaalt zich in mensen met een taak: apostelen, profeten, evangelieverkondigers, herders en leraren. Allemaal taken om de gemeente te bouwen, om de gemeenteleden toe te rusten.

 

Wat betekent het voor ons vandaag dat Jezus regeert vanuit de hemel? Het betekent dat wij erop vertrouwen dat Gods liefde de allerbelangrijkste waarde in onze wereld is. Die regeert. En het betekent ook dat wij durven vertrouwen dat die liefde die Jezus ons voordeed, uiteindelijk de enige macht is die het kwaad in deze wereld kan overwinnen. Niet het noodlot dat ons treft, niet de kwade machten, maar de liefde is de stuwende kracht in ons bestaan. Hij leeft voort. In ons en door ons.

 

We herdenken dus vandaag niet dat Jezus weg is en op wonderbaarlijke wijze naar boven ging. We herdenken en vieren onze christelijke verantwoordelijkheid. En dat we daarin niet alleen zijn.

Zie, wat onzichtbaar is

Wat je gelooft is waar

Open je ogen maar

En, dan zal ik bij je zijn

Alles wat jij moet doen

Is mij op m'n woord geloven.

This entry was posted in Preken
Jun 17, 2019

Ik ben met jou

overweging op Hemelvaartsdag 2019

De Open Hof – Oud-Beijerland

 

uit de Bijbel: Handelingen 1: 1-11 en Matteus 28: 16-20

 

hemel

Stel dat de hemel een plaats is, dan staat daar de troon van God. En van die troon gaat de uitnodiging uit om hem te loven met een lied. Om hem de eer toe te zwaaien die hem toekomt: God is koning van heel de aarde. (Psalm 47) Het doet mij denken aan een regel uit een lied: ‘Mijn leven is onder de macht gesteld van de Heer die mijn dagen en nachten telt.’ (NL 840) Er is een onder en een boven, een aarde en een hemel. Er is een troon en een voetenbank. (Jesaja 66:1) Er is mijn leven en er is God die beslag heeft gelegd op mijn leven. Het is van hem. Ik ben van hem. De hemel vouwt zich als een beschermende paraplu open.

Stel dat de hemel een plaats is, dan is God wel ver weg. En het kan hier beneden zomaar lijken alsof wij niet doordringen tot daarboven. Alsof degene die op de troon zit onaangedaan is door wat er op aarde gebeurt; door wat er met mij gebeurt. Dan is de hemel van koper.

tussen hemel en aarde

Wat we met Hemelvaart nog eens op het hart gedrukt krijgen, is dat er wel degelijk een verbinding is tussen onder en boven, tussen hemel en aarde. Soms gaat de hemel even open. En krijgen we de bevestiging dat de hemel niet alleen maar onbereikbaar ver is en dat God niet ongenaakbaar op zijn troon zetelt. Denk aan Henoch. Die in rechtvaardigheid met God wandelde en op een dag zomaar meeliep naar waar God woont. Denk aan Jacob, op de vlucht geslagen bedrieger. De hemel ging voor hem open en God bevestigde de belofte die hij eerder deed aan Abraham en Izaak. Of denk aan Jezus. Als hij wordt gedoopt gaat de hemel open en klinkt een stem: Jij bent mijn geliefde.

Als Jezus naar de hemel gaat, opent de hemel zich voor hem. Hij krijgt de mooiste plek, naast God. God in de hemel hoeft nooit meer zonder hem te zijn. Maar wij, onder de hemel, hoeven dat ook niet. Want hij laat iets achter. Iets van zijn Geest. Om verder te gaan in zijn geest. Zijn voetsporen op de aarde, om in verder te gaan.

De hemel kan ver weg lijken, gesloten zelfs. Maar er is een reden dat God zo hoog en ver is. Daar heeft hij het beste uitzicht. (Psalm 33:14v) Daar ziet hij de mensen in een oogopslag en ziet hij wat ze doormaken. En met Jezus naast hem, zijn goedheid en liefde in levende lijve, kan het niet anders dan dat de hemel met mededogen op de aarde neerziet. Het kan niet anders dan dat de hemel weet hoe mensen door de diepte gaan. Ging Jezus daar zelf niet doorheen? Maar God trok hem er doorheen. En nam hem bij zich op. Dat is de hoop van Hemelvaartsdag. Als wij Jezus volgen in zijn leven en liefde, als wij hem volgen in zijn moeite en dood, dan ook in zijn opstanding. En naar zijn plaats bij de Vader.

 

de aarde

Maar nu zijn we hier. We bevinden ons om zo te zeggen in dezelfde situatie als de leerlingen die Jezus achterliet. We lazen twee versies van hetzelfde gebeuren. De gemene deler is dat -hoewel er sprake is van een hemelvaart- het accent op de aarde komt te liggen.

In Handelingen 1 horen we hoe de leerlingen benieuwd zijn, hoop hebben, dat Jezus hen wil gaan vertellen dat hij het koningschap over Israël zal herstellen. Laat er toch vrede zijn, vrijheid en gerechtigheid voor iedereen. Dat kan niet snel genoeg zijn.

Maar hoe de tijd van God zal aanbreken, wanneer de tijd van God zal aanbreken, dat is hun zaak niet. Dat moment weten de engelen niet, zelfs de Zoon weet dat niet; dat weet alleen de Vader. (Hand 1:6, Mat 24:36)

Het hoofd van de leerlingen moet niet bij de toekomst zijn. Die is in de hand van God. Hun hoofd moet ook niet in de wolken zijn en hun ogen niet op de hemel gericht. Ze hebben wat te doen: getuigen van Jezus, tot aan de uiteinden van de aarde.

In de versie van Matteus horen we hetzelfde: Ga op weg en maak alle volken tot mijn leerlingen. En houd dit voor ogen: ik ben met jullie, alle dagen, tot aan de voltooiing van deze wereld.’

Tot het laatst toe zal Jezus bij ons zijn. Dat zijn hoopvolle woorden. Al is het maar omdat Jezus niet spreekt over de ondergang van de wereld maar over de voltooiing van deze wereld. Ik vind dat troostend; zeker op momenten dat ik denk dat de aarde haar langste tijd heeft gehad. Dat de rijkdommen en hulpbronnen uitgeput zullen zijn en mijn nageslacht geen leven meer heeft. Ik vind dat troostend als er weer berichten komen dat de wereld van vandaag licht ontvlambaar is en maar zo weinig nodig lijkt te hebben om tot ontploffing te komen.

Dat pessimisme heeft Matteus niet. De wereld heeft toekomst. God laat haar niet los, zal haar zelfs tot voltooiing brengen. Want de macht die over de aarde ligt, de macht van Jezus, die zegt ‘mij is alle macht gegeven in de hemel en op aarde’, die macht is de macht van de zachte krachten. Dat is de macht van goedheid en genade, de macht van het geduldige druppelen op een steen en van water naar zee dragen. Het is de macht van de liefde die uiteindelijk de overmacht zal krijgen.

Daar kunnen we op wachten. We kunnen er ook in delen. Mee doen. Getuige zijn. Vandaag. En Jezus zegt ons daarbij hetzelfde toe als wat God altijd heeft beloofd: ik ben met jullie. In ons broze, onzekere bestaan zal Hij er zijn, om ons te steunen en te dragen. Vandaag en alle dagen.

 

In de diepte van je gevoelens

In de hoogte van je gedachten

In het zilver van je spreken

In het goud van je zwijgen

Leg ik mijn belofte

IK BEN DIE IK BEN

 

In het verlangen van je dromen

In je angst voor de werkelijkheid

In de veelheid van je talenten

In de beperking van je mogelijkheid

Leg ik mijn belofte

IK BEN DIE IK BEN

 

In de blijdschap over wat je lukt

In het verdriet over waarin je niet slaagt

In de dagen die aan je voorbij vliegen

In de nachten die je zult waken

Leg ik mijn belofte

IK BEN DIE IK BEN (Alfred C. Bronswijk)

This entry was posted in Preken