Blog

Vasten Featured

Written by
Rate this item
(0 votes)

 

overdenking op zondag 1 maart 2020 in Protestantse Gemeente De Open Hof

 

eerste zondag van de 40-dagentijd

 

 

 

uit de Bijbel: Jesaja 58: 3-11 en Matteus 6: 1-6; 16-21

 

 

 

 

 

huichelachtig

 

‘Doe wel en zie niet om’. Ik dacht echt dat dat in de Bijbel stond maar even googlen leerde me dat het een spreekwoord is. Het zou er in kúnnen staan: doe wat goed is, zonder een bedankje af te wachten of op de uitkomst te letten. Dat drukt Jezus de mensen op het hart in de Bergrede: Let op dat jullie de gerechtigheid niet beoefenen alleen om gezien te worden door de mensen. Je hoeft het niet rond te bazuinen als je iemand iets geeft of met veel vertoon je vroomheid ten toon te spreiden.

 

Huichelaars doen dat, zegt Jezus.

 

Een huichelaar is in het Grieks ‘hupokritos’. Dat klinkt bekend, een hypocriet. In die tijd was een hypokritos een toneelspeler, iemand met een masker op. Wie hypocriet is, is niet echt. Die speelt een rol, met de wereld als toneel. Die let op hoe hij of zij overkomt op anderen. Die gaat voor de waardering, misschien om er later iets voor terug te kunnen vragen. De hypocriet gaat voor de goedkeuring, het applaus. Wie een rol speelt, ontleent zijn identiteit dááraan.

 

Ik kan niet ontkennen dat mijn zelfvertrouwen en voldoening vaak ook dáár zitten; in de positieve feedback en in de waardering. Het is een kritische vraag aan mijzelf of ik de dingen die ik doe ook zou doen zónder die waardering. Ik hoop het wel.

 

Jezus roept de toneelspelers tot de orde. Hij wijst op hun verborgen agenda: ze zijn van binnen niet wat ze van buiten lijken. Wat ze doen lijkt te wijzen op een gelovige levenshouding. Maar kloppen doet het niet.

 

 

 

Afgelopen woensdag - Aswoensdag - is de veertigdagentijd begonnen. Tijd van bezinning en verdieping. Tijd van her-bezinning op wat belangrijk is in ons leven. Jezus geeft met grote lijnen aan waar het in ons bestaan om draait:

 

om het samen-leven met andere mensen; om het leven met God en om onszelf.

 

Aalmoezen geven. Dat betekent niet: mensen afschepen met iets kleins om er vanaf te zijn. Het betekent omzien naar de mens in nood. Het gaat tenslotte om het beoefenen van de gerechtigheid. Die gerechtigheid die Jezus in een adem noemt met Gods koninkrijk, Gods nieuwe wereld. ‘Zoek ‘liever eerst het koninkrijk van God en zijn gerechtigheid…’ (Mat 6:33)

 

Bidden. Onze persoonlijke omgang met God, in ons bidden, onze stilte, ons doen en laten. En vasten. Ons omgaan met ons lichaam, met die dingen die we menen nodig te hebben om in leven te blijven. Je zou kunnen zeggen dat dat ook de thema’s zijn waarbij de 40-dagentijd ons bepaalt: de ander, God en ik. De vraag is dan hoe we binnen die driehoek op een goede manier kunnen leven. En voor wie we dat dan doen. Zijn we nog oprecht bezig of is onze verborgen agenda ook gaan doen? Zijn we integer? En integriteit vullen we dan in als: ‘Doen wat goed is, ook als niemand het ziet.’ (Thomas Jefferson)

 

 

 

verborgen

 

De toneelspeler geeft met een groots gebaar dat gezien moet worden en geprezen. Als dat zijn verborgen agenda is, zijn opzet in dit leven, dan heeft hij zijn beloning al binnen. Daar doet God niets meer aan af of toe.

 

Maar als jíj iets geeft, laat dan je linkerhand niet weten wat je rechterhand doet.

 

 

 

Met andere woorden: wees je zelf niet eens bewust wat je aan het doen bent; wees niet zelfvoldaan over je eigen goedheid maar doe het zo onopvallend dat het zelfs voor jezelf verborgen blijft. Doe het als iets dat vanzelfsprekend behoort tot jouw geloof, zonder er al te veel woorden aan veel te maken.

 

En als jíj bidt, ga dan naar huis. Stel je voor dat er in die dagen op vastgestelde tijden werd gebeden. Waar je ook was, je deed dan mee aan het gebed. Zoals dat gebeurt in islamitische landen. Maar ook in de katholieke traditie waar mensen een kerk in konden lopen om het Angelus te bidden, om 6 uur ’s morgens, 12 uur ’s middags en 6 uur ’s avonds. Waar je was, deed je mee aan het gebed. Kennelijk waren er in die tijd mensen die er een sport van maakten om zo zichtbaar mogelijk te getuigen van hun vroomheid.

 

En als jíj vast, zorg dan dat dat niet aan je gezicht valt af te lezen. Wie vastte liet dat in die dagen ook merken in zijn kleding, die schoor zich niet en smeerde as op zijn gezicht. Iedereen kon zien dat diegene aan het vasten was. Laat het aan jou niet af te lezen zijn. Want jullie vader, die in het verborgene ziet, zal je belonen voor goed doen, bidden, vasten,

 

 

 

De meeste mensen deugen

 

Als alles in het verborgen blijft, is je geloofshandelen belangeloos. Je hebt er geen belang bij. Dat geeft vrijheid. Want je bent niet meer afhankelijk van wat anderen van je vinden of zeggen. Je hoeft ook niet op zoek naar evenwicht: of jij net zoveel investeert in je medemens als die ander. Als je zo durft te denken, geeft je geloof je ruimte en vrijheid om te leven, om te doen wat er te doen is. Wetend dat het door God wordt gezien. Dat Hij er zijn zegen aan zal geven.

 

 

 

Jezus bevraagt ons op onze natuurlijke en spontane goedheid. Die goedheid waardoor we terloops goede dingen doen. Want in wezen zíjn we goede mensen. We lopen er echt niet altijd mee te koop. We wimpelen lof liever af. Mensen die een lintje krijgen zeggen dat ze het zonder dat lintje óók hadden gedaan; we zeggen dat we toch tijd over hadden of dat iedereen het in zo’n geval toch had gedaan. In zijn boek ‘De meeste mensen deugen’ citeert Rutger Bregman de aansporing van Jezus om niet rond te bazuinen als je iets goeds doet. Maar, zegt hij, daar hebben we niets aan. Goede daden die je verbergt hebben geen uitstraling. Je hoeft niet te koketteren met wat je doet, maar vergeet niet anderen te inspireren. Jezus geeft zijn volgelingen óók de aansporing mee om licht voor de wereld te zijn; een licht óp een standaard, niet onder een emmer. Jullie licht moet zichtbaar schijnen, zegt Jezus, zodat mensen jullie goede daden zien en God de Vader eren. (Mt 5:16) Er is niets zo besmettelijk als vriendelijkheid, zegt Bregman. ‘De mens is zo bedraad dat een simpel blijk van goedheid al tintelingen over ons hele lijf kan bezorgen. En het fascinerende is: dit effect kan zelfs optreden als we zulke verhalen uit de tweede hand horen. Dan is het net alsof er op een mentale resetknop wordt gedrukt waardoor onze gevoelens van cynisme verdampen en we weer helder naar de wereld kunnen kijken. Laat de aankomende 40-dagentijd voor ons als die resetknop zijn.

 

 

 

Heb lief en doe dan wat je wilt:

 

wil je zwijgen, zwijg uit liefde,

 

wil je schreeuwen, schreeuw uit liefde,

 

wil je corrigeren, doe het uit liefde,

 

wil je vergeven, vergeef uit liefde.

 

Draag de bron van liefde in je hart,

 

want uit liefde kan alleen het goede voortkomen.

 

(preek van Augustinus bij 1 Joh 4, preek 7,8)

 

Read 64 times
More in this category: « Samuel geroepen Zout en licht »