Blog

Als we maar hoop hebben Featured

Written by
Rate this item
(0 votes)

eerste zondag van Advent 2018 – Protestantse Gemeente De Open Hof

 

We lezen uit Zacharia. Hij was profeet in Jeruzalem, in de tijd dat de ballingen waren teruggekeerd naar hun stad in puin. Zacharia roept de mensen op om te beginnen met de herbouw van de stad, de tempel. En met het herbouwen zullen ze ook hun roeping weer ontdekken. Zacharia gelooft dat als het volk terugkeert tot God, God ook zal terugkomen bij hen. Dan zal een nieuwe tijd aanbreken. Op de angst en de puinhoop zal God bij de mensen zijn. Zoals God eens de zee doormidden spleet om zijn volk doorgang te geven, zo zal Hij eens de bergen splijten.   

 

Daarna lezen we uit Lucas. Ook hij schreef op de puinhopen van het bestaan, als de tempel in Jeruzalem voor de tweede keer in de geschiedenis is verwoest; de stad lag in puin na de plundering door Titus. Gelovigen waren overal heen gevlucht. Als je eigen wereld instort, is het toch niet zo gek om te denken dat de hele wereld instort. Dat het einde nabij is. Maar ook Lucas houdt de hoop hoog. Hij bemoedigt mensen om het vol te houden en zich vast te houden aan de verwachting dat Jezus zal terugkeren op aarde om alles goed te maken.

 

uit de Bijbel: Zacharia 14: 4-9 en Lucas 21: 25-31

 

het einde van de tijd

Er gaan dagen voorbij dat ik niet denk aan het einde van de wereld. Eigenlijk gaan alle dagen voorbij zonder dat ik denk aan het einde van de wereld. Ik kan niet zoveel met het beeld dat op een dag God actief en almachtig zal ingrijpen in onze werkelijkheid om daar een heel nieuwe werkelijkheid van te maken. Die almachtige God heb ik achter mij gelaten. Hij past niet een tijd van mondige mensen die zelf bijna goddelijk zijn in alles wat ze tot stand kunnen brengen. God zie ik vooral in wat mensen voor elkaar betekenen. Ik zie hem oplichten in goedheid en aandacht, in trouw en de bereidheid te vergeven. ‘Ubi caritas et amor, Deus ibi est.’

Het zijn pittige teksten vanmorgen. Die we in onze tijd niet zo makkelijk meer een plaats geven. Toch is het goed om ze juist aan het begin van Advent te lezen. Waarom? 

Zacharia en Lucas vertrouwden erop dat God óók boven ons menselijk handelen uitstijgt. Dat God groter is dan wat mensen voor elkaar kunnen krijgen. Dat soms, onverwacht en ongedacht, er meer mogelijk is dan wij voor mogelijk houden. Dat soms, onvermoed maar o zo welkom, er iets van God lijkt door te siepelen in ons leven. Dáár kan ik dan weer wel wat mee. Omdat mensen mij vertellen dat het zo is. Omdat ik soms zelf ervaar dat er meer moet zijn tussen hemel en aarde. Dat ik gedragen wordt, merkwaardig getroost….

Daarom kunnen die moeilijke teksten toch iets troostends hebben. Zij sporen aan de moed niet op te geven als onze mogelijkheden uitgeput lijken te zijn. Ik lees de woorden van Lucas dat er een tijd van grote angst en verwoesting zal komen niet als de voorspelling van een ramp die onherroepelijk een keer over ons wordt uitgestort omdat het eerst veel slechter moet worden voordat het beter wordt. Geen voorspelling maar een erkenning van het feit dat het nu eenmaal zo in elkaar steekt: de werkelijkheid is beangstigend en het leven is soms levensgevaarlijk. Kijk naar Jemen. Naar Syrië. Of naar de afdeling kinderoncologie….. Naar ‘Deze vieze oude wereld kun je gerust weggooien zei ze…’ (Hans Lodeizen) Maar we gooien niets weg. We leven met de hoop dat er iets beters denkbaar is. Iets waarin ook wij van betekenis zijn. En dat aansluit bij datgene (of Diegene) die al het menselijk handelen overstijgt.

 

leven met hoop *

Leven met hoop. Dat is misschien wel wat ons gelovige leven kenmerkt. En hoop is dan niet: een vroom maar ook naïef optimisme dat alles ooit wel eens goed zal komen; een woord zonder daad. Hoop is ook niet: ontkennen wat er allemaal misgaat in het leven, in ons leven, en onze kop in het zand steken; een woord zonder uitzicht. Hoop is niet: ergens in mee gaan omdat je weet dat het succes zal hebben; een woord uit berekening.

Hoop is een manier van leven, een weg om te gaan. Een innerlijk kompas dat je de weg wijst of de tijden nu goed of kwaad zijn. Het is een state of mind die de werkelijkheid met al zijn ellende overstijgt. Hij wordt niet meer of minder als het je goed gaat; het staat soms onder druk maar wordt niet minder als het je slecht gaat.

Meestal is het zelfs zo dat als het slecht gaat de hoop juist groeit. Hoe hard het ook stormt, de hoop houdt vol. (zie ook: Hope is the thing with feathers, Emily Dickinson) Ik heb iemand gekend die altijd zei: Ik ben ongeneselijk hoopvol. Dat was hij tot aan zijn dood.

 

Die hoop, zo onbegrijpelijk en niet van deze wereld, vindt zijn wortels in God. De Bijbel staat vol verhalen van de weg die God en mensen samen gaan. Hij biedt bevrijding, doortocht. Geen situatie is zo doodgelopen of hij wijst een uitweg. Zelfs uit de dood. Want in Jezus balt alle hoop zich samen.

Wie hoop heeft, heeft het vertrouwen dat wat hij doet of besluit ook zinvol zal zijn. Dat het misschien wel bij zal dragen aan een betere wereld. Of misschien niet. Die  zekerheid hebben we nooit. Wél dat wat wij doen en wie wij zijn van betekenis zijn.

Die hoop zet ons aan tot goede woorden, opbouwende daden, tot onzelfzuchtigheid en goedheid. Die hoop voorkomt dat we onverschillig worden, of cynisch. Die hoop bewaart ons voor moedeloosheid en lamgeslagen niks doen. Die laat ons niet bij de pakken neerzitten maar steeds weer opstaan.

 

de vijgenboom

Dát het beter wordt is soms te zien. Er zijn tekens die daarop wijzen. Jezus zegt: Kijk maar naar de vijgenboom. In de koude donkere winter bereidt hij zijn knoppen al voor voor de zomer. Die tekens van buiten kunnen wij alleen zien als ook van binnen het verlangen is om ze te zien. Alleen wie hoop heeft, ziet de bevestigende tekens. En ook in onze ‘vieze oude wereld’ is genoeg hoopvols te zien en te beleven: mensen die bereid zijn water naar zee te dragen, druppels op gloeiende platen te laten vallen, een mens te redden omdat de menselijkheid anders op het spel staat.

Wat ik zo mooi vind aan het beeld van de vijgenboom: je kunt de groei van een boom niet tegenhouden. Je kunt de voortgang van de seizoenen niet tegenhouden. Onherroepelijk komt na de winter de zomer. Zo onherroepelijk, vertelt Jezus, is de groei van Gods nieuwe wereld.

 

(*Vaclav Havel schreef op deze manier over de hoop in: Verhoor op afstand

Er wordt een gedicht aan hem toegeschreven: De weg van de hoop)

 

‘Deze vieze oude wereld’, Hans Lodeizen

 

Zei ze..

 

Deze oude vieze wereld

die kun je gerust weggooien:

de romantiek van

uilskuikens

 

het is verdomd

moeilijk om te leven

zie in de hemel:

alles is rotzooi

maar als we maar hoop hebben

 

zo lang we maar

hoop hebben….

Read 34 times