Blog

boosheid ombuigen Featured

Written by
Rate this item
(0 votes)

overweging op 28 juni 2020

preken in Coronatijd

 

uit de Bijbel: Handelingen 17: 16-34

 

verontwaardiging

We leven in een boze wereld. De betogers, zondag op het Malieveld, zijn boos vanwege het ingrijpen door de politie. Iedereen is boos op Johan Derksen en die maakt zich weer boos dat je geen grapje kunt maken. Mw. Jansje uit Ridderkerk is boos dat zij haar verzorgingshuis niet uit mag. (AD, 23 juni 2020) Standbeelden worden boos omver getrokken en daar zijn anderen dan weer boos over. Soms ben ik ook boos en gefrustreerd. De vraag is waar al die boosheid en verontwaardiging ons brengt.

 

Vandaag lopen we mee met Paulus door Athene. De mensen die daar wonen denken dat hun stad al eeuwen het centrum van de wereld vormt. Hun stad, met een rijk verleden, is de bakermat van de wetenschap, de cultuur, literatuur, filosofie. Die bloeitijd is allang voorbij maar in de hoofden van de Atheners zit dat idee nog steeds. Overal in de stad herinneren monumenten aan de heldendaden van hun voorouders, helden en goden. (bron: Fik Meijer, Paulus, een leven tussen Jeruzalem en Rome) Alsof je door een museum loopt.

 

Maar Paulus is niet geïnteresseerd in het verleden. Het gaat hem om een nieuwe wereld. Om een nieuwe mindset, een nieuwe levensstijl. En het is onvermijdelijk dat zijn ideeën botsen met die van de Atheners. Zij zijn gewend dat anderen naar hén toekomen om zich te laven aan filosofie en literatuur. Maar nu worden ze geconfronteerd met iemand die hún iets wil leren. Een praatjesmaker is het; een vreemde vogel met een rare boodschap over ene Jezus en de godin Anastasia, wat ‘opstanding’’  betekent. En Paulus loopt daar rond en ziet de vele godenbeelden en raakt hevig verontwaardigd. Voor zíjn geloof, voor zíjn God, is hier geen plaats.

 

in gesprek gaan

De confrontatie hangt in de lucht. Maar toch komt er geen uitbarsting. Want Paulus weet zijn verontwaardiging te onderdrukken. Elke dag gaat hij naar het marktplein en gaat in debat met de mensen die hij daar treft. Hij zoekt de samenspraak, de dialoog. (Grieks: dielegeto) En hij laat zich meetronen naar de Areopagus om aan de nieuwsgierigheid van de mensen tegemoet te komen.

Dialoog is een soort toverwoord geworden. Maar het is geen makkelijke oplossing voor grote problemen. Toen niet en nu niet. Het stelt vragen aan ons. Of we bereid zijn naar de ander te luisteren, ons open te stellen voor een andere waarheid dan de onze. Dialoog vraagt oprechte nieuwsgierigheid naar het verhaal van de ander.

Het vraagt om het kunst om te luisteren zonder angst dat je daardoor zelf wordt aangetast in waar je voor staat.

Én dialoog vraagt om incasseringsvermogen. Kun je omgaan met kritische vragen, met verbazing, met spot en afwijzing? En kun je dat óók opbrengen als het gaat over jouw geloof, jouw levenswijze?

Dat lijken me terechte vragen voor de wereld waarin we leven. Maar evengoed aan onszelf. Wat voor gesprekspartner ben ik? Hoe makkelijk ben ik boos te krijgen en hoe zet ik die boosheid in?

 

de taal van vandaag

Als Paulus het woord krijgt, is er geen speld meer tussen te krijgen. ‘Beste Atheners, ik heb gezien hoe buitengewoon godsdienstig jullie zijn.’ De mensen hebben elkaar misschien wel even aangekeken: neemt hij ons nu in de maling of vindt hij dat echt?

We weten het niet maar we zien wel hoe Paulus zijn tegendraadse boodschap neerlegt bij de Atheners door aan te sluiten bij waar zij zitten: bij hun godsdienstigheid, bij hun zoeken en tasten naar wat god is. Zózeer zijn ze ermee bezig dat ze zelfs voor de onbekende god een sokkel hebben neergezet.

Paulus heeft zich duidelijk verdiept in wat zij belangrijk vinden en hij haalt zelfs een van hun dichters aan. Maar hij geeft er een eigen draai aan.

Die onbekende God, die kunnen de Atheners leren kennen. Deze God zal alles wat zij om zich heen hebben verzameld aan tempels, beelden en monumenten in een ander perspectief zetten.

God kun je niet maken of bedenken. Hij heeft juist óns bedacht en gemaakt. Om vorm te geven aan het samenleven op de aarde.  Een van hun eigen dichters heeft het zelf gezegd: uit hem komen wij ook voort…. Als wij inderdaad voortkomen uit God, dan hoeven we geen tempels en beelden neer te zetten. Dan leeft hij in mensen, tussen mensen. Zoals in die ene mens. Die opstond uit de dood.

Paulus roept de Atheners op een nieuw leven te beginnen, voorbij hun onwetendheid. Nú weten ze beter.

 

lange adem

Maar daar zijn de Atheners niet aan toe. Sommigen drijven de spot met Paulus. Anderen onttrekken zich aan de dialoog door iets vaags te mompelen over een andere keer.

Elk van de beelden in Athene vertegenwoordigt een mening, een filosofie, een waarheid. En daartussen is geen plaats voor de God van Paulus.   

Maar toch, twee namen worden genoemd. Damaris, een vrouw. En Dionysius. Van hem wordt verteld dat hij later de eerste bisschop van Athene is geworden.

De dialoog is nooit de weg van de minste weerstand en het is ook geen garantie voor onmiddellijk succes en hartgrondig gelijk. Je hebt er een lange adem voor nodig. En toch lees ik hier dat er een zaad is geplant dat tot bloei is gekomen. Iets van dat nieuwe leven dat Paulus verkondigde heeft wortel geschoten.

Read 111 times